Menu

Terug naar Actualiteit >Resultaten nitraatresidu

Alle regio's

Tijdens het najaar 2017 werden door de Mestbank stalen genomen op percelen van zowel focus- als niet-focusbedrijven voor het bepalen van nitraatresidu. De resultaten op perceelniveau worden rechtstreeks aan betrokken bedrijven bekend gemaakt worden.  

 

 

In de sierteelt en boomkwekerij werden afgelopen najaar in totaal 244 percelen bemonsterd waarvan 196 met boomkweek en 48 percelen met andere sierteeltproducten. Het gemiddelde nitraatresidu van de bemonsterde boomkwekerijpercelen bedraagt 97 kg N/ha. Voor de percelen met andere sierteeltproducten bedraagt dit 103 kg N/ha. Dit levert onze totale sector een globaal gemiddelde van 98 kg N/ha op. Deze cijfers geven slecht een eerste indicatie aan. Spreiding van de gegevens zou een beter zicht brengen op het globale resultaat.  

Op basis van deze resultaten zijn extra maatregelen op bedrijfsniveau mogelijk zoals een verlaging van de N-gebruiksruimte op het bedrijf, opmaken van een bemestingsplan, verplicht inzaaien vanggewassen, …

Advies op maat dankzij CVBB-begeleiding  

Voor advies op maat kunnen bedrijven voor het zesde jaar op rij terecht bij de adviseurs van het CVBB. De CVBB-begeleiding beperkt zich niet enkel tot bemestingsadviezen voor stikstof en fosfor maar geeft ook advies over andere voedingselementen. Ook andere bemestingstechnieken, het toedieningstijdstip van de verschillende meststoffen en bodemvruchtbaarheid in het algemeen, komen aan bod. Daarnaast is er ruimte voor vragen over de toe te passen regelgeving op jouw bedrijf. De begeleiding gebeurt verder vanuit de praktijkcentra land- en tuinbouw.  

Contactpersoon voor het PCS is Dominique Van Haecke (T: 09/353.94.83,  dominique.vanhaecke@pcsierteelt.be).  

Gesprekken koolstofstromen in de sierteeltsector

In het najaar van 2017 werd in samenwerking met het PCS en het Departement Landbouw en Visserij een consensusnota opgemaakt om de problematieken en knelpunten van koolstofstromen in de sector aan te halen. Met deze nota als basis hebben we intussen gesprekken gehad met zowel VLM als OVAM. Tijdens het overleg met OVAM trachtten we oplossingen en mogelijkheden te creëren om compost eenvoudiger ter beschikking te stellen en meer op maat van bedrijven. Ook de mogelijkheid tot uitbreiding van het concept ‘boerderijcompost’ werd besproken. Het is nog afwachten wat dit verder zal opleveren. Het gesprek met VLM focuste meer op de vraag over in welke mate toedienen van voldoende organisch materiaal momenteel mogelijk is binnen de huidige mestwetgeving. We kunnen uit de gesprekken opmaken dat men mee denkt in het vinden van oplossingen om het organische koolstofgehalte in de bodem niet verder achteruit te laten gaan. Hoe dit kan en zal geïntegreerd worden in MAP VI, zal nog moeten blijken.  

Verplicht bodemstaal gepland?  

In de vollegrondstuinbouw moeten bedrijven zich jaarlijks verplicht laten adviseren op basis van bodemstalen. Deze regel gaat uit van de verplichting om te bemesten op basis van stikstofanalyse en bemestingsadviezen en is naast sierteelt en boomkwekerij ook van toepassing voor groenten en aardbeien in volle grond.  

Het aantal stalen wordt bepaald door het type teelt: 1 per 6 hectare voor meerjarige teelten, 1 per 2 hectare voor éénjarige teelten. Het beste is om de meeste relevante periode te kiezen zodat je het maximale kunt halen uit de analyse. Voor de ene teelt is het interessanter om dit te doen vóór de basisbemesting, voor andere is het beter om tijdens de teelt na te gaan hoeveel bijbemesting er nodig is. Na het indienen van de verzamelaanvraag, wordt het aantal te nemen stalen weergegeven bij de opmerkingen.