Menu

Controleacties op de weg

Terug naar Actualiteit >
Alle regio's
Alle sectoren

De wegeninspectie van het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) en de federale wegpolitie voeren regelmatig controles uit langs de openbare weg. AVBS wordt naar aanleiding van een controle regelmatig door haar leden gecontacteerd. We geven een overzicht van een aantal belangrijke aandachtspunten.

 

 

☞ Overlading leidt tot zware sancties

De belangrijkste regel is het laadvermogen van het voertuig volgens het keuringsbewijs. Het Vlaamse aslastendecreet voorziet in zeer zware sancties voor overladingsmisdrijven. De decreetgever gaat er immers van uit dat een te zwaar geladen voertuig de veiligheid in gevaar brengt en het wegdek beschadigt. Voor  bestelwagens is de totale maximaal toegelaten massa 3,5 ton. Voor vrachtwagens met 2 assen is dit maximaal 19 ton (max. 7 ton op vooras en max. 12 ton op de achteras). Voor een trekker met assen, gecombineerd met een oplegger met 3 luchtgeveerde assen is dit maximaal 44 ton. De maximale massa per dragende as is 10 ton en de maximale massa per aangedreven as is 12 ton.

☞ Veiligheid en ladingzekering van goederen

De verschillende ladingzekeringssystemen dienen te beantwoorden aan de ‘Europese richtlijnen voor beste praktijken over het zekeren van ladingen voor wegtransport.’ Algemeen gesproken moet het ladingzekeringssyteem krachten kunnen weerstaan die worden uitgeoefend wanneer het voertuig een bepaalde versnelling ondergaat. Het zekeren van de lading is geheel afhankelijk van één factor: de wrijvingskracht. Door de wrijving tussen de lading en de laadvloer dient het verschuiven van de lading minimaal te zijn. Dit kan door de laadvloer aan te passen (antislipmatten) en/of de lading vast te maken (spanriemen). Overtredingen in verband met ladingzekeringzijn van de derde graad en kunnen bijzonder duur uitvallen.

☞ Uitstekende ladingen

Volgens het KB van 1 december 1975 art. 46 mag er voor gangbare vrachtwagens niets voor het voertuig uitsteken. Achter het voertuig mag de lading maximaal één meter uitsteken zonder extra signalisatie. Lange ondeelbare stukken mogen maximum drie meter achter het voertuig uitsteken mits ze herkenbaar zijn door een bord met rood en witte diagonale strepen van minstens 50 x 50 cm. Als het donker is, moet er ook een naar achter gericht licht aan hangen met oranje reflectoren op de zijkanten.

☞ Tachograafvrijstelling voor voertuigen met MTM max. 7,5 ton

Sinds 2015 geldt een vrijstelling op het verplicht tachograafverbruik voor het vervoer van materiaal, apparatuur en machines die de bestuurder gebruikt voor zijn werkzaamheden in alle lidstaten van de Europese Unie. De straal waarbinnen zonder tachograaf gereden mag worden bedraagt 100 km. Er zijn twee voorwaarden. De toegestane maximummassa mag niet meer dan 7,5 ton bedragen en het vervoer mag evenmin de hoofdactiviteit van de vervoerder zijn.

☞ Tachograafgebruik voor voertuigen met MTM van meer dan 7,5 ton

De wetgever bepaalt dat voertuigen voor goederenvervoer voor landbouw-, tuinbouw-, bosbouw-, veeteelt- of visserijbedrijven voor ritten binnen een straal van 100 km rond de vestigingsplaats van het bedrijf vrijgesteld zijn van tachograafgebruik. Tuinaanleg- en onderhoud vallen hier niet onder, behalve wanneer de aannemer bomen en andere planten vervoert die hij zelf heeft gekweekt, zo stelt het parket. AVBS raadt leden-tuinaannemers
aan om voor het transport van onder andere werfmateriaal en -machines met vrachtwagens met een MTM van meer dan 7,5 ton steeds de bestuurderskaart te gebruiken. Ook wanneer het vervoer niet de hoofdactiviteit is van de chauffeur.

☞ Beschik je over een geldig rijbewijs?

Met het rijbewijs B mag je een auto met een aanhangwagen besturen die een MTM van 750 kg niet overschrijdt. Het rijbewijs BE laat toe zogenaamde ‘samenstellen’ van voertuigen te besturen. Voorwaarde is dat het gaat om een trekkend voertuig van categorie B en een aanhangwagen of oplegger met een maximale toegelaten massa tussen 750 en 3.500 kg. Voor vrachtwagens met een MTM van groter dan 3.500 kg is een rijbewijs C vereist. Voor voertuigen met een MTM groter dan 3.500 kg én kleiner dan of gelijk aan 12.000 kg is er de subcategorie C1. Het rijbewijs CE is nodig wanneer je met een vrachtwagen ook een aanhangwagen wilt trekken met een MTM groter dan 750 kg.

☞ Welk rijbewijs voor tractoren?

Bestuurders van landbouwtractoren die geboren zijn vóór 1 oktober 1982 hoeven geen rijbewijs te hebben, ongeacht de doeleinden waarvoor ze de tractor gebruiken. Voor bestuurders die geboren zijn vanaf 1 oktober 1982 is naargelang het gebruik een rijbewijs G of een rijbewijs CE verplicht. Voor tractoren die je uitsluitend voor land- of bosbouwdoeleinden gebruikt, volstaat het een rijbewijs G te hebben. Aannemingswerken vallen hier echter niet onder. Voer je dus met je landbouwtrekker niet-landbouwactiviteiten uit (bijvoorbeeld grondtransport, vervoer van bouwmaterialen …) dan is een rijbewijs noodzakelijk dat overeenkomst met de MTM van het voertuig. In de praktijk is dat meestal het rijbewijs CE. 

☞ Rijbewijs C geldig tot vervaldatum medisch attest!

Voor de rijbewijzen C/CE en C1/C1E is een medisch attest vereist. Het rijbewijs is geldig tot de einddatum  vermeld op het medisch attest. Een medisch attest is normaal vijf jaar geldig, tenzij de geneesheer een kortere termijn vastlegt. Hernieuw dus op tijd dit medisch attest zodat je bij controle of ongeval niet voor verrassingen komt te staan. Voor het rijbewijs G is geen medisch attest vereist.

☞ Vrijstelling vakbekwaamheid rijbewijs C

In 2007 werd de regelgeving over de vakbekwaamheidsvereiste ingevoerd voor bestuurders van voertuigen voor de categorie C/C+E, maar ook voor de subcategorie C1/C1+E. Voor dit attest bestaan er enkele vrijstellingen.  Voor voertuigen met een toegelaten maximale snelheid van 45 km/uur - zoals tractoren voor traag vervoer - is  men vrijgesteld. Dit is ook het geval voor voertuigen die gebruikt worden voor het vervoer van materiaal (inclusief producten), apparatuur of machines die de bestuurder nodig heeft voor zijn werk, op voorwaarde dat dit vervoer niet de hoofdactiviteit is van de bestuurder. Om van de vrijstelling te genieten, moet voldaan zijn aan twee voorwaarden. Het moet gaan over eigen materiaal/producten en het vervoer mag geen hoofdactiviteit zijn. Voor vervoer voor derden, ook al is dat maar een deel van het transport, is men nooit vrijgesteld.

☞ Werfvoertuig inschrijven of niet?

Er is een inschrijvingsplicht voor voertuigen die de openbare weg gebruiken. Werfvoertuigen zoals minigravers, knikladers, … die zelf op de openbare weg rijden om naar de werf te rijden moeten ingeschreven en verzekerd zijn. Werfvoertuigen die worden geladen en ter plaatse worden afgezet en dus niet op de openbare weg komen, moeten niet ingeschreven worden. Voertuigen op metalen rupsen moeten bijgevolg nooit ingeschreven worden,  want ze mogen niet op de openbare weg.