Menu

Terug naar Actualiteit >Nieuwe regels hoofdelijke aansprakelijkheid vanaf 1 april

Alle regio's
Alle sectoren

In de sierteelt en boomkwekerij vinden er heel wat activiteiten plaats die beschouwd kunnen worden als werken in onroerende staat. Denk daarbij aan het rooien van bomen, snoeien van planten of het oculeren van rozen. Wanneer er voor deze werken beroep gedaan wordt op een aannemer, moet de medecontractant (sier- of boomteler) goed in het oog houden of die betrokken aannemer geen schulden heeft bij de RSZ of fiscus. Dit kan je nagaan op de website van de RSZ en de FOD Financiën. Als de aannemer schulden zou hebben dan mag de medecontractant niet de volledige factuur betalen! Er moet een inhouding op de factuur gebeuren van 35% voor de RSZ en 15% voor de fiscus. Als je deze inhoudingen niet zou doen, dan ben je hoofdelijke aansprakelijk voor wat de betaling van de RSZ-bijdragen en/of de fiscale schulden betreft. Dit houdt concreet in dat sier- en boomtelers op die manier het risico lopen om de werken een tweede keer te moeten betalen. Als men de inhoudingen wel correct zou doen, geldt de hoofdelijke aansprakelijkheid niet.

In het ‘Plan eerlijke concurrentie’ dat we in 2017 met de regering en de sociale partners hebben afgesloten, is de inperking van de hoofdelijke aansprakelijkheid als één van de maatregelen opgenomen. Concreet wordt vanaf 1 april de hoofdelijke aansprakelijkheid beperkt tot bouwwerken en werken die met de inrichting en afwerking van een gebouw te maken hebben (BS 17 jan 2019 – wet houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken). Sier- en boomtelers waren vaak niet bewust van de risico’s die ze liepen bij gewone werkzaamheden aan teelten of op het veld. Vanaf 1 april hebben ze meer rechtszekerheid.