Menu

Terug naar Actualiteit >Tien antwoorden die 2020 zal geven

Alle regio's
Alle sectoren

Geen enkele sector blijft elk jaar hetzelfde, en dat is voor de sierteeltsector niet anders. Maar naast nieuwe uitdagingen en vragen, verwachten we dit jaar ook antwoorden op enkele prangende vragen.

 

 

 

1. Kunnen de sierteelt en boomkwekerij verder groeien?

Siertelers weten als geen ander: iets wat gezond is, groeit. De licht stijgende sierteeltoppervlakte in België lijkt er op te wijzen dat de sector globaal in een groeiende trend zit.  Boomkwekerijproducten tonen een duidelijk stijgende trend, daar waar azalea’s en perkplanten verder krimpen. Kunnen zij in 2020 weer aanknopen met betere tijden?

 

 2. Hoe verteert de sierteeltsector de Brexit?

Frankrijk en Nederland zijn elk goed voor 37% van de Belgische export van sierteeltproducten. Frankrijk zit hiermee in een dalende lijn; Nederland wint nog meer aan belang. Nu de onderhandelingen voor een Brexit echt van start gaan, moet de sector rekening houden met de 9% van de totale export die naar het Verenigd Koninkrijk gaat. Het land is daarmee de derde belangrijkste exportpartner. Telers en handelaars die naar het Verenigd Koninkrijk exporteren kunnen tot eind dit jaar blijven werken met een plantenpaspoort. Daarna komt mogelijk een verplicht fytosanitair certificaat, maar dat is afhankelijk van het akkoord dat het VK hierover zal sluiten met de EU. Azalea’s, kamerplanten, perkplanten en boomkwekerijproducten zijn de belangrijkste exportproducten.

 

 3. Worden online handelsplatforms de standaard?

Het succes van een online handelsplatform zoals Floriday zal de internationale handel en mondialisering nog doen versnellen. Plantenbeurzen zoals IPM Essen, Tradefairs, FLORALL en andere zorgen ervoor dat producenten hun klanten kunnen ontmoeten. VLAM zal naast de binnenlandse promotie ook actief blijven inzetten op promotie van Belgische sierteeltproducten in het buitenland.

 

 4. Hoe verloopt de uitrol van het plantenpaspoort?

De meest ingrijpende wijziging van vorig jaar was de invoering van de nieuwe Europese plantenpaspoorten sinds 14 december 2019. Doel van die nieuwe Europese regelgeving is het voorkomen van insleep van ziektes en plagen van buiten de EU. AVBS roept op om in 2020 signalen van op het terrein door te geven. Waar zitten er nog knelpunten, zijn er verschillen tussen lidstaten, hoe verlopen de controles van het FAVV …? Hiermee kan AVBS aan de slag om erover te waken dat de regels voor iedereen gelijk zijn.

 

 5. Wie wordt verantwoordelijk voor RNQP?

Met de nieuwe plantengezondheidswetgeving is er ook een nieuwe status in het leven geroepen, RNQP, of regulated non quarantaine pests. Vaak gaat dit over vroegere quarantaineorganismen waarover de EU oordeelde dat ze niet meer uit de Unie te houden zijn, maar die toch bestrijding vergen. Op politiek niveau is er in België, na anderhalf jaar onderhandelen, nog geen duidelijkheid over wie hiervoor verantwoordelijk is. AVBS pleit ervoor om alle taken die met deze bevoegdheid te maken hebben, bij één administratie te leggen.
Ook de plantenpaspoorten of fytosanitaire certificaten uit beschermde gebieden blijven behouden. Tegen eind 2020 zal AVBS met de overheid een kader binnen de Europese verordening uitwerken, waarmee telers kunnen aantonen dat ze over voldoende kennis rond quarantaineorganismen beschikken zodat ze zelf plantenpaspoorten mogen blijven afleveren.

 

 6. Gaan nitraatresidu’s dalen?

Na jaren van een betere waterkwaliteit is er terug een daling in de waterkwaliteit. Dit is natuurlijk een gedeelde verantwoordelijkheid, waarin de sector zijn deel moet opnemen. Nitraatresidumetingen tonen een slechte trend en klimaatomstandigheden zijn hiervan voor een deel de oorzaak. Maar kunnen wij echt niet beter doen? AVBS werkt mee aan de equivalente maatregelen voor vanggewassen en lagere bemestingsnormen zodat de waterkwaliteit terug verbetert.

 

7. Hoe werkbaar wordt de first flush?

2020 wordt een cruciaal jaar voor de implementatie van de first flush tegen 2021 waarbij telers 100m3 drainwateropvang/ha containerveld moeten voorzien. AVBS zal verder in overleg gaan met VLM om te zoeken naar quick wins op het terrein. Ook al is MAPVI nog geen jaar operationeel, toch volgt er komende zomer al een evaluatie. De druk zal pas van de ketel zijn als de resultaten op het terrein effectief verbeteren.  

 

 8. Hoeveel gewasbeschermingsmiddelen kan de sector houden?

AVBS zal, samen met de onderzoekscentra, streven naar voldoende erkende gewasbeschermingsmiddelen. Voor sommige plagen wordt het problematisch, zeker als telers voldoende willen afwisselen om resistentie te vermijden. AVBS verkiest wetenschappelijke onderbouwing boven emotionele standpuntvorming. Helaas neemt dit laatste toe, en moet de sector waakzaam blijven. Ook een vraag: hoeveel houders van een fytolicentie zorgen ervoor dat hun fytolicentie dit jaar niet vervalt?

 

 9. Wordt duurzaamheid dit jaar een toegangsticket tot de markt?

Veel bedrijven zien er het nut al van in, andere bedrijven voelen niet dat de markt vraagt naar duurzaamheidslabels, laat staan dat die er een meerprijs voor betaalt. FloraHolland kondigde alvast aan dat iedereen die via hen planten wil verkopen vanaf 2021 een of ander duurzaamheidslabel moet hebben. Samen met het PCS zal AVBS blijven inzetten op duurzaamheid. Enerzijds om te weten waar de sector staat; anderzijds om externen te kunnen aantonen hoe duurzaam de sierteeltsector werkt. AVBS streeft ernaar een jaarlijks duurzaamheidsrapport te publiceren over de sierteeltsector en wil de telers de tools aanleveren om dit te doen op bedrijfsniveau.

 

10. Valt of staat de brede weersverzekering?

Vanaf 2020 wijzigt de regelgeving in verband met (landbouw)rampen. De Vlaamse Overheid voorziet een premiesubsidie bij het afsluiten van een erkende brede weersverzekering in de land- en tuinbouwsector. Een erkende brede weersverzekering dekt minstens de fenomenen storm, hagel, vorst, ijs, regenval en droogte. Sluit je als beroepsactieve sierteler een erkende brede weersverzekering af, dan kan je vanaf 2020 tot en met 2022 een subsidie ontvangen die 65% van de jaarlijkse verzekeringspremie (exclusief verzekeringstaks) bedraagt. De subsidie moet uiterlijk 30 april (uiterste indieningsdatum van de verzamelaanvraag) aangevraagd zijn. Om vanaf 2020 nog in aanmerking te kunnen komen voor vergoedingen uit het rampenfonds bij schade aan niet-verzekerde teelten, zal minstens 25% van het bedrijfsareaal verzekerd moeten zijn via een erkende brede weersverzekering. Vanaf 2025 zullen er geen vergoedingen meer vloeien uit het rampenfonds.