Menu

Terug naar Onderwerp >Plantenpaspoorten afleveren, iedereen verplicht maar hoe doe je dat?

Plantenpaspoorten afleveren, iedereen verplicht maar hoe doe je dat?Terug naar Onderwerp >


We hebben nog exact één jaar de tijd om ons voor te bereiden en klaar te zijn voor de nieuwe plantengezondheidswetgeving. Verschillende aspecten zullen veranderen binnen deze wetgeving maar het is heel duidelijk dat de intrede van plantenpaspoorten voor alle planten bestemd voor opplant de grootste invloed zal hebben op onze dagelijkse bedrijfsvoering. De ene praktische vraag na de andere steekt de kop op. We hebben voor u de 10 belangrijkste vragen samengevat en geven hier, samen met het FAVV, een antwoord op…

Een plantenpaspoort is op vandaag al verplicht voor een hele reeks van waardplanten van specifieke organismen. Momenteel worden er aan plantenpaspoorten, naargelang de lidstaat, verschillende eisen gesteld wat betreft lay-out en informatie op het paspoort. Met de nieuwe plantengezondheidswetgeving wordt een plantenpaspoort verplicht voor alle planten bestemd voor opplant (met uitzondering van enkele zaden). Concreet zal u bij de verkoop van planten aan elke handelseenheid planten een label moeten hangen met de opgelegde uniforme lay-out zoals hieronder in het voorbeeld is weergegeven.

De vormgeving van het plantenpaspoort is onderworpen aan enkele strikte eisen wat vormgeving betreft en het moet aangebracht worden óp elke handelseenheid, bv op het etiket. Een voorbeeld van een plantenpaspoort met de juiste lay-out is hieronder terug te vinden. Andere mogelijkheden van lay-out zijn ook mogelijk mits voldaan is aan de randvoorwaarden.

 

 

  1. Wat zijn de randvoorwaarden voor de lay-out van de plantenpaspoorten?
    Europa legt een vaste lay-out op zodat plantenpaspoorten voor alle lidstaten uniform zijn opgemaakt. De paspoorten mogen op een etiket gedrukt worden zolang de informatie duidelijk afgescheiden is van andere informatie op het etiket. De informatie op het paspoort moet met het blote oog leesbaar zijn. Het paspoort mag vierkant of rechthoekig zijn. Indien gewenst mogen bepaalde gegevens op het paspoort met de hand geschreven worden, zolang het duidelijk leesbaar is en traceerbaarheid gegarandeerd wordt.

  2. Waar moet een plantenpaspoort aan gehecht zijn?
    Een plantenpaspoort moet overal fysiek aanwezig zijn, zelfs op de kleinste handelseenheid. Een handelseenheid is een partij planten die fysiek duidelijk samen hoort. Dit kan een vrachtwagen, cc-kar, pallet, palox, tray, bundel planten of individuele plant zijn.

  3. Wat gebeurt er als een handelseenheid verder in de keten wordt opgesplitst?
    Wanneer een partij waartoe één uniek plantenpaspoort behoort, verder in de keten wordt opgesplitst, moet een nieuw plantenpaspoort gehecht worden aan iedere nieuw samengesteld partij planten. Bij het toekennen van een nieuw paspoort moet volledige traceerbaarheid gegarandeerd blijven voor alle planten in die partijen.

  4. Tot op welk niveau in de keten is een plantenpaspoort verplicht?
    Plantenpaspoorten zijn altijd verplicht, behalve bij verkoop aan eindconsument. Behalve bij verkoop van planten aan eindgebruikers via het internet is een plantenpaspoort wel verplicht tot bij de eindconsument. Een eindconsument wordt gedefinieerd als een persoon die optreedt voor andere dan handels-, bedrijfs- of beroepsdoeleinden en die planten verwerft voor persoonlijk gebruik. Een openbaar bestuur of overheidsinstelling wordt niet gezien als een eindgebruiker.

  5. Achter de letter A komt de botanische naam van betrokken plantensoorten:

    • Tot op welk niveau moet de botanische naam gespecifieerd worden?

       Botanische naam op het plantenpaspoort is minimaal tot op geslachtsniveau, maar mag met soort en indien gewenst met cultivar worden uitgebreid. In geval van een gemengde handelseenheid (bijvoorbeeld gemengde tray), mag ook de familienaam gebruikt worden als het volledige assortiment in de partij hiertoe behoort (mogelijks van toepassing bij siergrassen, rozen, vetplanten,…).

    • Mogen er verschillende namen op het plantenpaspoort vermeld staan?
      Ja, bij gemengde partijen mogen er meerdere botanische namen (geslacht, soort of cultivar) op het paspoort staan, zolang deze betrekking hebben op soorten aanwezig in die partij.

  6. Achter de letter B komt een bedrijfseigen FAVV-registratienummer:

    • Waar kan men een nieuw registratienummer aanvragen?
      In de loop van januari 2019 zullen hier instructies over worden verspreid door het FAVV. Ook AVBS zal deze informatie duidelijk delen via haar communicatie.

    • Ik beschik al over een registratienummer, moet ik een nieuwe aanvragen?
      Het is in geen geval de bedoeling om nieuwe registratienummers toe te kennen.  Bestaande nummers blijven dus gelden.

       

  7. Achter de letter C komt een unieke traceerbaarheidscode van de partij planten:

    • Welke informatie moet er achter deze traceerbaarheidscode zitten?

      De traceerbaarheidscode moet interne tracering in de eigen bedrijfsadministratie garanderen. Bij een productiebedrijf moet de partij planten aan de klant gelinkt kunnen worden. Bij de handelaar moet de partij aan zowel leverancier als klant gelinkt kunnen worden. De traceerbaarheidscode kan bijvoorbeeld een partijnummer zijn. 

    • Is een traceerbaarheidscode nodig in élk geval?

      Een unieke traceerbaarheidscode is niet nodig wanneer duidelijk is dat alle planten in de partij op zodanige wijze klaargemaakt zijn dat ze volledig klaar zijn voor verkoop aan eindgebruikers. Hier komen nog een aantal uitzonderingen op zoals bijvoorbeeld bij waardplanten van quarantaine-organismen. De letter C moet wel altijd op het plantenpaspoort staan. Wanneer een traceerbaarheidscode niet verplicht is, blijft het veld achter C gewoon leeg.

  8. Achter de letter D komt een tweelettercode van de lidstaat of het derde land van oorsprong:

    • Wat verstaat met onder land van oorsprong?
      Het Het land van oorsprong is de tweelettercode van de Europese lidstaat of het derde land waar de planten vandaan komen.

    • Wanneer wordt een partij fytosanitair Belgisch?

      Na een bepaalde periode worden planten fytosanitair Belgisch en kan er achter de letter D, BE komen te staan. Volgende regels zijn van toepassing:

       - voor stekken, kruidachtige vaste planten en potplanten: 4 weken
      -  voor houtige gewassen en bollen: 1 volledige vegetatiecyclus (groeiseizoen)

  9. Welke gegevens over de planten moet minimaal bijgehouden worden, en hoelang?

    Alle paspoortgegevens van geproduceerde en verhandelde planten moeten drie jaar lang bijgehouden worden. Er moet dus drie jaar lang traceerbaarheid gegarandeerd worden. Wanneer partijen verhandeld worden zonder een nieuw paspoort op aan te brengen (omdat partij ongewijzigd blijft), moeten wel de gegevens van de paspoorten door de handelaar bijgehouden worden.

  10. Betekent deze regelgeving dat er meer bedrijfscontroles zullen zijn door het FAVV?

    Operatoren die een erkenning hebben om plantenpaspoorten af te leveren, worden minstens eenmaal per jaar gecontroleerd op het bedrijf. Het aantal bedrijven dat jaarlijks gecontroleerd wordt zal dus ongeveer verdubbelen.