Menu

Terug naar Actualiteit >Sierteelt - van goed gevoel tot functioneel groen -

Alle regio's
Alle sectoren

Begin maart boog de UGent-Crelan leerstoel zich over de positieve effecten van groen. Deze leerstoel wil onderzoek stimuleren, wetenschappelijke inzichten delen en aanzetten tot innovatie. Naast siertelers waren ook toeleveranciers, onderzoekers, belangenorganisaties en beleidsmakers aanwezig. Op de agenda een thema waar AVBS al enige tijd zijn schouders onder zet.

Acht sprekers gaven voldoende stof om over na te denken. Een samenvatting van de verschillende invalshoeken.

Stadsvergroening met mos
Kaat Pauwels deed mee aan een projectoproep voor meer groen van het burgerbudget van de stad Gent. Bij de project-oproep viel het op dat er 65% van de goedgekeurde projecten gaan over vergroening in de stedelijke omgeving. In het project ‘300 bomen voor elke Gentenaar’ wil men ondermeer aantonen dat een mospaneel van enkele vierkante meter volstaat om evenveel lucht te zuiveren en fijnstof op te slaan dan 300 bomen. De mospanelen worden overal waar mogelijk ingewerkt. Mos heeft alle voordelen van groen maar het onderzoek wil antwoord op de vraag of het luchtzuiverende van mos ook effectief klopt en hoe het mos kan worden geteeld en kan blijven overleven in de stedelijke omgeving.

Psychosociale drijfveren van groen
De natuur is nummer één bij het helpen ontstressen. Yannick Joyce van de universiteit Groningen onderzoekt en onderbouwt de psychosociale functies van groen. Zieke mensen gaan sneller herstellen, hebben minder medicatie nodig en ontwikkelen minder complicaties. Bovendien zijn er minder klachten bij zieken. Via direct visueel contact doet groen de mens herstellen van psychologische cognitieve tekorten. Binnen- als buitengroen herstellen de aandacht. Vermoedelijk komt dit doordat de natuur visueel complex en onvoorspelbaar is, maar toch een zekere regelmaat heeft. We kunnen ons welzijn boosten door toepassingen en integratie van groen en groene vormentaal in onze leefomgeving.

Plantenkeuze en stressresistentie
Marie-Christine Van Labeke van UGent gaf een overzicht van de vele toepassingswijzen van groen zoals laan- en parkbeplanting, gevelgroen, dakgroen, … Bomen leveren heel veel ecosysteemdiensten maar kruidachtigen leveren meer ecosysteemdiensten in functie van waar ze toegepast worden. Gevelbegroening kan grondgebonden en niet-grondgebonden worden toegepast. Dakbegroening kan gaan van heel extensief (dunne substraatlaag, geen irrigatie, droogteresistent, sedums, mossen) tot semi extensief (iets dikkere substraatlaag, soms irrigatie, zon en droogteresistent, grassen, vaste planten) en zeer intensief (dik substraat, irrigatie, alle planten) gaan. Planten, substraat en irrigatie zijn sleutelbegrippen om over na te denken bij vergroeningsprojecten. Op de UGent is er o.a. onderzoek gedaan naar droogteresistentie bij planten.

Luchtzuiverende capaciteiten van planten
Pas met het beschikbaar komen van technieken als SIFT-MS en PTR-MS wordt het mogelijk om interactie tussen planten en hun omgeving te bestuderen. Volgens Herman van Langenhove van UGent is dit een domein dat nog maar aan de drempel van de exploitatie staat. Zo werd de aanwezigheid van benzeen, tolueen, ethylbenzeen en xyleen in de naalden van naaldbomen onderzocht. De gemeten concentratie in de naalden werd vergeleken met de luchtkwaliteit. De gemeten concentraties bleken beduidend hoger te liggen in de herfst en de winter ten opzichte van de lente en de zomer. Tijdens de toelichting werd verwezen naar de oudere NASA-studie die heeft aangetoond dat het luchtzuiverend effect sterk verschillend is van plant tot plant.

Potentieel van biostimulantia in de sierteelt
Biostimulanten bevatten substanties en/of micro-organismen die planten kunnen verbeteren ter hoogte van blad/wortels zodat processen verbeterd worden door het optimaliseren van nutriëntenefficiëntie, abiotische stresstolerantie en productkwaliteit. Biostimulantia verhogen de weerstand van de plant, maar kunnen ook zorgen voor een betere kleur, smaak, … . Het zijn producten die op vandaag niet worden erkend als meststof of als gewasbeschermingsmiddel maar verwacht wordt dat ze op termijn de conventionele agrochemische hulpmiddelen die mogelijk in de toekomst niet langer mogen gebruikt worden, kunnen vervangen. In een gecontroleerde omgeving hebben biostimulantia zich al bewezen, maar in de buitenomgeving is nog verder onderzoek nodig.

Mossen voor daktuinen
Oliver Grunert van Greenyard gaf een inzicht in de samenstelling van de daktuin. Voorbeelden van mooie daktuinen zijn te vinden bij AZ Groeninge Kortrijk, Tribeca Gent, Abattoir Anderlecht en Rooffood Gent.

Gezonde mensen door gezond groen
Het labo voor Bos en Natuur onderzoekt de ontwikkeling van biodivers groen door biogeochemische randvoorwaarden van ecosysteemdiensten. Groen is zeker bruikbaar rond en in zorginstellingen. Het labo bekijkt ook hoe het groen er moet uitzien: zeer strak of zeer biodivers of een combinatie van beide. Probleemspecifiek groen lijkt weinig zinvol, wel divers groen: het is flexibel en veelzijdig.

Innovatief toepassen van groen in de stad
PCS-directeur Bruno Gobin stelde dat ons dichtbevolkt Vlaanderen kansen en uitdagingen biedt. Ecosysteemdiensten staan niet meer ter discussie. Het PCS vraagt dat groentoepassing aangepast wordt aan de specifieke locaties en deze zijn zeer divers. Denk aan het natuurgebied, het landbouwgebied, het buitengebied, de woonwijk, de stadsrand, het stadscentrum of het industriegebied. Het praktijkonderzoek breekt ook een lans voor kantoorbeplanting en binnentuinen. Onze Vlaamse telers produceren zeer exportgericht, maar mogen de voeling met de markt en de trends in eigen regio zeker niet verliezen. Bepaalde ontwikkelingen lopen elders in de wereld zelfs sneller dan hier in Vlaanderen. In die zin moeten telers ook evolueren zodat ze naast het verkopen van hun product ook alle voordelen van groen zoals hierboven beschreven, mee moeten verkopen.
Het juiste groen op de juiste plaats vereist dat het beleid het groen uit de grijze aanbestedingsdossiers haalt want vaak is dit een remmende factor op een kwalitatieve uitvoering. Dit kan door van bij aanvang de telers mee te betrekken bij de ontwerpfase van nieuwe projecten.