Sierteeltareaal bleef constant, maar wel interne verschuivingen
Op basis van de registraties dit voorjaar in de verzamelaanvraag bij het Agentschap Landbouw en Zeevisserij kan afgeleid worden dat het totale ‘landbouwareaal’ waarop in 2025 sierplanten geteeld worden nagenoeg stabiel blijft t.o.v. 2024. Deze status quo verbergt wel grote verschuivingen tussen de verschillende subsectoren.
Pascal Braekman, Agentschap Landbouw en Zeevisserij
Voor de opvolging en evaluatie van het areaal siergewassen wordt uitgegaan van twee grote
groepen. De boomkwekerij omvat de teeltcodes: ‘boomkweek – bos- en haagplanten’, ‘boomkweek – fruitkweek’, ‘laanbomen’, ‘rozelaars’, ‘bloeiende heesters’, ‘niet-bloeiende heesters’,
‘snijplanten of snijbloemen andere dan rozen tenminste 5 jaar aangehouden’ en ‘solitaire bomen’.
De arealen onder de teeltcodes ‘potchrysant’, ‘jongplanten voor de sierteelt’, ‘zaden voor de sierteelt’, ‘azalea’, ‘bloembollen en -knollen’, ‘groene kamerplanten’, ‘bloeiende kamerplanten’,
‘snijplanten, snijbloemen – rozen en andere snijbloemen die minder dan 5 jaar aangehouden worden’, ‘perk- en balkonplanten’ en ‘vaste planten’ worden onder de groep ‘sierteelt’
gegroepeerd.
Daling areaal ‘sierteelt’ zet zich verder door
Sinds de registratie van de arealen siergewassen volgens deze teeltcodes (voor het eerst in 2022) zien we een gestage terugloop van het areaal binnen de groep ‘sierteelt’. Ook dit jaar
nam dit areaal af met bijna 6%. De grote omvang van de relatieve daling van de arealen van de teeltcodes ‘zaden voor de sierteelt’ (-54,2 %) en ‘snijplanten < 5 jaar’ (-38,9 %) moet natuurlijk gezien worden in de context van de bescheiden absolute arealen voor deze teeltgroepen, respectievelijk 11,45 ha en 2,57 ha in 2024.
Het areaal potchrysanten duikt in 2025 voor het eerste onder de 200 ha. Sinds 2022 is iets minder dan een vijfde van het areaal potchrysant weggevallen. Na een aanvankelijke daling van het aantal potchrysantentelers wordt de laatste twee jaar een stagnatie waargenomen.
Ook bij azalea wordt sinds 2022 een continue daling van het areaal opgetekend. In vergelijking
met 2022 is dit in 2025 met 15% teruggelopen. Deze daling heeft zich voor een belangrijk deel voltrokken in het afgelopen jaar. Dat blijkt ook uit het aantal telers: in 2025 zijn er vijf azaleatelers minder dan in 2024.
Voor de teeltcode ‘jongplanten voor de sierteelt’ ligt de afname van het aantal telers nog een stuk hoger, een vermindering met 11 telers. Het areaal aan jongplanten voor de sierteelt laat dan ook een serieuze daling optekenen in 2025 (-21,2 %).
Ook de teeltcodes ‘groene kamerplanten’, ‘bloeiende kamerplanten’, ‘snijrozen’, ‘perk- en balkonplanten’ en ‘vaste planten’ laten een daling van hun arealen optekenen in 2025, maar hun procentuele dalingen lopen niet in de dubbele cijfers. Voor deze teeltcodes loopt ook het aantal telers met 1 tot 3 eenheden terug, met uitzondering van ‘snijrozen’, waarvoor in 2025 1 extra teler registreerde in de verzamelaanvraag.
Er kan ook opgemerkt worden dat het areaal ‘vaste planten’ in 2025 voor het eerst minder is dan het jaar voordien. Sinds 2022 liet deze teeltcode jaar na jaar een groei van het areaal optekenen, dus tot dit jaar.
Twee teeltcodes onder sierteelt laten een (gevoelige) uitbreiding van het areaal optekenen in 2025. Onder de teeltcode ‘bloembollen en -knollen’ wordt voor 2025 een areaal van 89,32 ha aangeven, wat een stijging is van 11,1 % t.o.v. 2024. Het aantal telers met deze teeltcode in hun verzamelaanvraag liep wel terug van 19 in 2024 naar 14. Een deel van dit areaal wordt ingenomen door knolbegonia (30-tal ha) en de rest heeft betrekking op de productie van bloembollen of andere bloemknollen of het gebruik van bloembollen bij potplanten (principe ‘bol op pot’). Ook het areaal onder ‘snijbloemen andere dan rozen, minder dan 5 jaar aangehouden’ kende een gevoelige uitbreiding van bijna 25%. Het areaal in 2025 bedraagt 67,63 ha en het aantal telers steeg eveneens gevoelig: van 87 in 2024 naar 96 telers in 2025. Deze uitbreiding kan grotendeels toegeschreven worden aan de toename van de teelt van zomerbloemen, zowel in gangbare als biologische teelt.
Het areaal vaste planten daalde voor het eerst
Areaal boomkwekerij licht gegroeid
Over alle teeltcodes onder boomkwekerij heen neemt het areaal in 2025 toe met net geen 2%. Globaal worden dit jaar op 4304,8 ha boomkwekerijgewassen geteeld, wat een goede 83 ha
meer is dan in 2024. Ook hier maskeert de globale evolutie uiteenlopende evoluties van de verschillende teeltcodes die onder de boomkwekerij gerangschikt worden.
Een dalend areaal in 2025 kan opgetekend worden voor ‘boomkweek – bos- en haagplanten’
(-1,72%), ‘rozelaars’ (-7,47%), ‘snijplanten minstens 5 jaar aangehouden’ (-3,61%), ‘snijbloemen andere dan rozen minstens 5 jaar aangehouden’ (-23,12%) en ‘solitaire bomen’ (-0,22%). Bij de stijgers zien we ‘laanbomen’ (+8,10%), bloeiende (+2.30%) en niet-bloeiende (+5.44%) heesters.
Ook het areaal ‘boomkweek – fruitteelt steeg vrij sterk, met 15,59%. Binnen de groep van de boomkwekerij blijft het areaal onder de teeltcode ‘boomkweek – bos- en haagplanten’ met iets meer dan de helft het leeuwenaandeel innemen van het globale areaal ‘boomkwekerij’. Het
Agentschap Landbouw en Zeevisserij definieert deze teeltcode als volgt: “Productie planten met eindbestemming landschapsverfraaiing (bossen, natuurreservaten, openbare terreinen, ….) – vb. eik, beuk, haagbeuk, esdoorn, …..” Het is duidelijk dat volgens deze definitie, het aangegeven areaal een (forse) overschatting is van het werkelijke areaal boomkwekerij, dat
met deze bestemming aanligt in Vlaanderen. Op basis van de gespecialiseerde bedrijven die boomkwekerijgewassen telen die een afzet vinden volgens de vermelde definitie voor ‘boomkweek – bos- en haagplanten’, kan het werkelijke areaal onder deze teeltcode op 500 tot 700 ha geschat worden in Vlaanderen. Dit betekent dus dat een goede 1500 ha van het areaal onder deze teeltcode eigenlijk onder een andere teeltcode voor boomkwekerij dient geregistreerd te worden, waarschijnlijk hoofdzakelijk ‘laanbomen’, ‘bloeiende/niet-bloeiende
heesters’ en ‘solitaire bomen’. Ter volledigheid dient nog vermeld dat het areaal ‘kerstbomen’ in 2025 in Vlaanderen nagenoeg stabiel bleef (+0,28%).
Verder dient opgemerkt dat dit artikel enkel de arealen en teelten bespreekt die aanwezig zijn op de bedrijven met siergewassen die onder een teeltcode sierteelt of boomkwekerij vallen. Andere gewassen, zoals bijvoorbeeld grasland, mais of groenbedekkers (bv. Japanse haver,
Tagetes, …) die als hoofdgewas geteeld worden op deze bedrijven, worden niet meegenomen in deze areaalcijfers.
Het areaal planten met eindbestemming landschapsverfraaiing is zwaar overschat.
Het werkelijke areaal moet op 500 tot 700 ha geschat worden. De rest hoort wellicht thuis bij de teeltcodes ‘laanbomen’, ‘bloeiende/niet-bloeiende heesters’ en ‘solitaire bomen’.
Tabel Areaal Sierteelt volgens de verzamelaanvragen - Bron: Agentschap Landbouw en Zeevisserij