Standpunten rond gewasbescherming op een rij
Gewasbeschermingsmiddelen blijven maatschappelijk gevoelige materie. Gebruikmakend van gemakkelijke oneliners en door cherry picking van data zetten tegenstanders maar al te graag een negatieve framing op. Dat is jammer en vooral onterecht, want de tegenargumenten die nonbelievers aanhalen zijn vaak simpelweg niet rationeel. Boerenbond zet de feiten op een rij en maakt zijn standpunt duidelijk in een nieuwe position paper. Verplicht leesvoer voor overheden, stakeholders en elke tegenstander die bereid is zijn blik te verruimen.
Gerrit Budts / illustraties: Joris Snaet
De kern van het verhaal is glashelder: gewasbeschermingsmiddelen zijn cruciaal om planten gezond te houden of te krijgen, maar moeten op een professionele, verantwoorde en duurzame manier worden ingezet. Er is geen alternatief, al zullen tegenstanders de potentieel verloren opbrengsten en bijbehorend voedselverlies minimaliseren en zelfs ontkrachten.
De juiste behandeling
Als we ons niet goed voelen gaan we naar de dokter voor de juiste medicatie. Zijn de huisdieren ziek, dan komt de dierenarts erbij met dierengeneesmiddelen. Ook als planten geveld worden door plagen en ziekten is er nood aan de juiste en meest doeltreffende behandeling. Bovendien vermijden we door gepast in te grijpen dat er schadelijke effecten zijn voor de consument, bijvoorbeeld door mycotoxines die geproduceerd worden door schimmels, en hebben schadelijke onkruiden, zoals zwarte nachtschade of doornappel, geen kans om in de voedselketen terecht te komen.
Dat lijkt allemaal de logica zelf, maar toch neemt de beschikbaarheid van doeltreffende middelen in Europa steeds meer af. De gevolgen zijn merkbaar. Sommige teelten dreigen volledig te verdwijnen, denk maar aan erwten en bonen die toch net zeer belangrijk zijn in ons dieet. Telers durven ze niet meer te zaaien of planten omdat het risico te groot is of de rentabiliteit onder druk komt. De gevolgen laten zich raden: minder productie, minder diversiteit en duurdere producten.
Streng Europa leidt tot ongelijk speelveld
De Europese Green Deal heeft als doelstelling om tegen 2030 het risico en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen met de helft te verminderen. Volgens de metaforumstudie van de KU Leuven komt dat neer op een gemiddeld opbrengstverlies van 12% in Europa. Willen we de productie behouden, dan is er 11 miljoen ha meer land nodig.
Onze land- en tuinbouwers lijden onder de almaar striktere en onvoorspelbare regelgeving. Producenten van bestrijdingsmiddelen richten zich steeds meer op andere afzetmarkten buiten Europa. Daar maakt men gretig gebruik van de soepelheid, er wordt dus met ongelijke wapens gestreden.
Boerenbond wil een gelijk speelveld voor iedereen, voor regelgeving, toepassing én controles. Of willen we morgen dat het gros van onze voeding van buiten de EU komt, waar de regels veel lakser en controles soms een lachertje zijn?
Wetenschappelijk toezicht
Vanzelfsprekend komen gezondheid en veiligheid op de eerste plaats. Een gewasbeschermingsmiddel mag niet zomaar op de markt komen, er is altijd een wetenschappelijke benadering. De toelatingsprocedures voor gewasbeschermingsmiddelen zijn streng, zowel op Europees als op lidstaatniveau.
Door meer dan honderd studies wordt beoordeeld of het gebruik geen onaanvaardbare risico’s inhoudt voor mens, dier en milieu. Dan is er nog een periodieke evaluatie die nagaat of de middelen aan de huidige normen voldoen met het voortschrijdend wetenschappelijk inzicht. Ook de te gebruiken dosering en de toepassingstechniek zijn cruciaal voor een voldoende en veilige werking.
Verantwoord gebruik
Door de fytolicentie is het gebruik van professionele gewasbeschermingsmiddelen terecht voorbehouden aan personen die kunnen aantonen dat ze over de nodige kennis beschikken. Professionele gebruikers moeten zich houden aan de principes van de Europese geïntegreerde gewasbescherming (IPM). Die is gebaseerd op drie pijlers: preventie, monitoring en interventie. Dus de behandeling met gewasbeschermingsmiddelen komt pas in de laatste fase.
Daarnaast is er dan ook nog de verplichte keuring van professionele spuitapparatuur, het toepassen van bufferzones, driftreductie en het bijhouden van een register.
Er wordt ook gecontroleerd en gehandhaafd. Volgens de huidige normen zijn twee druppels geconcentreerd gewasbeschermingsmiddel voldoende om een meer van 1 ha met een diepte van 1 meter volledig te verontreinigen. Momenteel is de detectielimiet voor gewasbeschermingsmiddelen in water 1 nanoliter per liter. Dit komt overeen met 4 millimeter op 100 keer de omtrek van de aarde.
Alternatieven
De toepassing van biopesticiden, die trouwens dezelfde toelatingsprocedure ondergaan als chemische middelen, is door hun variabele werkzaamheid, de complexiteit in gebruik en de hogere kostprijs eerder nog beperkt. Biostimulanten kunnen zeker hun nut hebben, maar zijn per definitie geen bestrijdingsmiddel. Meer en meer land- en tuinbouwers kiezen ook voor mechanische onkruidbestrijding.
Efficiënt, maar wel arbeidsintensiever en met een hogere CO2-uitstoot. Het zijn alle mooie aanvullingen op klassieke gewasbeschermingsmiddelen. Maar… veelal geen exclusieve vervanging.
Puntvervuiling aanpakken
Er is zeker nog ruimte voor verbetering. Onderzoek toont aan dat tot 90% van de verontreiniging van het oppervlaktewater door gewasbeschermingsmiddelen afkomstig is van puntvervuilingen. Hier valt dus de grootste winst te boeken, door puntvervuiling te vermijden om de waterkwaliteit verder te verbeteren. Inzetten op het gebruik van vul- en spoelplaatsen biedt soelaas. Zo wordt water dat belast is met gewasbeschermingsmiddelen tijdens het vullen of reinigen van het spuittoestel opgevangen en kan het zeker niet in de waterlopen terechtkomen.
De eisenbundel van Boerenbond en AVBS
Gezien de vele uitdagingen die er zijn voor gewasbeschermingsmiddelen op Europees, Belgisch en Vlaams niveau vraagt Boerenbond dat elk beleidsniveau zijn verantwoordelijkheid neemt.
- Er mogen op geen enkel niveau nog actieve stoffen worden geschrapt zolang er geen alternatieven beschikbaar zijn.
- Europa moet zorgen voor een werkbaar kader waarin we ons niet vastrijden en waarbij een gelijk speelveld wordt gecreëerd, binnen en buiten de EU.
- Er moet een versnelling hoger worden geschakeld in onderzoek en innovatie, ook voor New Genomic Techniques (NGT) en Biologicals.
- Onze landbouwondernemers willen van de federale overheid sneller duidelijkheid over de noodtoelatingen (120-dagenregeling) en er moeten aanpassingen komen aan de te beperkte mogelijkheden om gewasbeschermingsmiddelen toe te passen in functie van de effectiviteit.
- Vlaanderen kan land- en tuinbouwers ondersteunen door de sector eerst de kans te geven om in enkele teeltseizoenen verbetering van de waterkwaliteit voor te leggen, en dus beslissingen niet per direct uit te voeren. Voor individuele en collectieve vul- en spoelplaatsen is er nood aan een duidelijk kader.
- Het digitaal gewasbeschermingsmiddelenregister, dat zou ingaan in 2026, betekent extra administratiedruk en moet verdwijnen. De huidige registratieplicht volstaat.